|
10 september 2009: Henk Levering (cafe-eigenaar) Henk Levering (62), geboren in Limmen, is sinds 1980 eigenaar van café de Vriendschap in Akersloot, voorzitter van solexvereniging het Rolletje alsook organisator van het jaarlijkse festival Rock ‘n’ roll-street. Twee jaar geleden kreeg hij een herseninfarct.
“In 1980 namen wij de zaak over. In die tijd liep het slecht, we namen eigenlijk een verlopen café over. Veel mensen vroegen ons: waar begin je aan? Ik had nog nooit een glas bier getapt toen ik in de Vriendschap begon. Men zegt wel eens, het is een roeping… laten we het daar maar op houden. Je bent er altijd mee bezig. Je staat er mee op en gaat ermee naar bed.”
"Een van de eerste artiesten was de befaamde Herman Brood. Ik moest daarvoor bij de burgemeester komen en die vroeg mij wat ik in hemelsnaam van plan was. Akersloot was zo’n rustig plaatsje en waarom ik die hasjkikker Herman Brood naar Akersloot haalde. Vanaf 2 uur ’s middags was het bomvol. De brandweer, politie en ambulance stonden klaar.”
“Ik vind rock ‘n’ roll gewoon geweldig. Het jaarlijkse weekend wordt nog elk jaar groter. We zijn inmiddels in de top 3 van Nederlandse rock ‘n’ roll-festivals terecht gekomen. We doen dat zonder 1 euro subsidie. Ik krijg heel veel complimenten over de programmering: we doen van alles wat. Daarnaast is het ook het grootste gratis rock ‘n’ roll festival van Nederland".
27 augustus 2009: Ellen Morre (directeur) Ellen Morre (54) is sinds 2000 de directeur van Stichting Welzijn Castricum. Eerder was zij onder meer directeur van een slaapcentrum voor jongeren in Amsterdam dat zij zelf heeft opgericht.
"Uiteindelijk, na een reeks andere studies, ben ik Sociaal Culturele Wetenschappen gaan doen en heb mij gespecialiseerd in vrouwelijk management. Dat was toen nieuw. Toen we afstudeerden, met z’n vieren, stonden we op de voorpagina van een landelijke krant.”
“Ik weet niet of je mij nog steeds feministe kunt noemen, maar ik denk dat als je dat mee hebt gemaakt dat je dat niet meer kwijt raakt. Ik gebruik bijvoorbeeld mijn eigen naam. De naam van de man met wie ik getrouwd ben, gebruik ik eigenlijk nooit. Als ik google op de namen van vrouwen met wie ik toen gestudeerd heb, kan ik die allemaal vinden. Ze gebruiken allemaal hun eigen naam.”
“Mensen moeten zich niet teveel met mij bemoeien. Ik wil graag mijn eigen dingen doen en bepalen. Dat brengt eigenlijk vanzelf met zich mee dat je niet solliciteert op banen met een baas boven je. Dat is ook altijd zo geweest en zal ook altijd zo blijven.”
“Ik werkte in een opvang- en een slaapcentrum in Amsterdam en er kwam een punt dat ik daar ook genoeg van had. We hadden thuis een keer bezoek en ik vertelde verhalen over mijn werk en die mensen trokken wit weg bij die verhalen. Dat was voor mij eigenlijk een eye-opener en ik dacht: het mag ook wel eens wat leuker. Ik weet nog precies waar ik stond toen ik die vacature zag voor de stichting Welzijn Castricum: boven, in de slaapkamer. Ik dacht: dit is het. Ik kende Castricum trouwens nog niet, ik was in de war met Katwijk.”
6 augustus 2009 / herhaling 4 oktober 2009: Pim van der Maas (politie-agent) Pim van der Maas (49) uit Limmen is al ruim 30 jaar actief als politieagent in Limmen. Sinds 1995 is hij tevens actief in Akersloot.
“In het eindgesprek met de gemeentepolitie bij ons thuis kreeg ik te horen dat ze mij wel wilden hebben. Ik zei toen dat ik ook nog een sollicitatie bij de rijkspolitie had lopen. Die man trok nog net niet wit weg, maar twee dagen later had ik een brief liggen dat mijn aanstelling niet doorging omdat ik had gesolliciteerd bij de rijkspolitie. Daar ben ik uiteindelijk gelukkig wel aangenomen.”
"Het contact met de mensen leggen en voor hen wat bereiken, dat is het mooiste. Je krijgt wel eens mensen dat er mensen in het slop dreigen te raken en dan kan je wel eens net het zetje geven wat ze nodig hebben om ze in contact te brengen met de hulpverlening en daar goed uit kunnen komen.”
"Mensen zijn mondiger geworden de afgelopen tijd. Ik merk dat vooral in het uitgaansleven. Maar ook met dronken publiek kan je vaak nog veel bereiken als je in gesprek gaat. Met stroop vang je toch meer vliegen dan met azijn.”
“Qua grootte lijken Limmen en Akersloot wel op elkaar en de onderlinge binding is in beide dorpen heel groot, maar qua instelling en de indruk die mensen maken is het verschil wel heel groot. Akersloot is echt een watersport-dorp. Het gevoel dat je krijgt als je met mensen in het dorp omgaat is echt verschillend, maar het is moeilijk om dat onder woorden te brengen.”
30 juli 2009 / herhaling 20 september 2009: 0 Pieter Nijntjes (componist) Componist en muzikant Pieter Nijntjes, artiestennaam Sinetone, is 52 jaar en maakt elektronische muziek. De muziek van Pieter wordt vooral verkocht in Duitsland en Japan. Hij maakt zijn muziek in een eigen studio in Castricum, waar hij sinds zijn 5e levensjaar woont.
“Ik probeer warme, zachte, sferische muziek te maken. Een beetje loungy, jazzy met toch een modern touch. Het is techno, maar dan warmer. Ik probeer er veel rust in te stoppen, want ik vind het leven al hectisch genoeg. Ik zet het in elkaar met computers, maar werk met een echte saxofonist, percussionist en zangeressen. Ik speel zelf toetsen.”
“Met muziek bezig zijn betekent voor mij een blijde wereld ingaan, waarin je tevreden, relaxed bent en je in terug kunt trekken. Een rustplaats, maar ook een plek om je in te kunnen laten raken. ”
“Wij hadden vroeger niet zo heel veel geld. Toen ik op de Havo zat kreeg ik mijn eerste synthesizer. Ik had een cassettedeck en nam dan op het ene spoor een geluidje op, op het andere spoor een ander geluidje, dat voegde ik samen en daar voegde ik weer dingen aan toe. Eigenlijk doe ik dat nu nog steeds.”
“Ik zie de taak dat we hier op aarde zijn om zoveel mogelijk van elkaar te leren en mee te nemen en te kijken of we verder kunnen komen. Stilstand is… dat weet je wel. Doorbouwen, daar gaat het mij om. We zijn er nog lang niet, er is nog veel meer mogelijk. Voor mij is het steeds vrijer worden in de muziek, soms ook minimalistisch. Ik ben niet bang voor stilte.”
16 juli 2009: Birgitta Perton (actrice) Brigitta Perton woont in Akersloot en doceert acteren en schermen bij het door haar opgerichte TETH (Talenten Educatief Theater) in Heemskerk. Zij is zelf te zien in diverse reclamespotjes op televisie en speelde kleine rollen in onder meer de soap ‘Onderweg naar morgen’.
“Je hoeft emoties niet te verhullen, maar je moet ze leren te hanteren. Zeker bij acteren, want bij acteren is je lichaam je instrument en kun je er niet omheen. Er zijn strategieën om met je emoties om te gaan. Er wordt op scholen een heleboel geleerd, maar het leren omgaan met jezelf en met je lichaam gebeurt nauwelijks. Mensen weten meer van hun auto en hun computer dan dat ze van zichzelf weten en hoe ze zichzelf kunnen hanteren.”
“Ook al heb je maar 1 talent, verstop ‘em niet, want het kan de rijkdom van je leven zijn. Als er iets onderdrukt wordt, als ikzelf of anderen in hun ontwikkeling onderdrukt worden, dan komt er een tijger in mijn los. Ga buiten je grenzen, want buiten je grenzen zijn wel paden. Dus als het niet kan op 1 manier, zoek ik naar die andere 99 manieren waarop het wel mogelijk is.”
"Een goed acteur stopt met toneelspelen. Je bent jezelf en in het jezelf zijn leer je je instrument kennen. Dan weet je ondanks wat voor emoties of dingen er om je heen gebeuren, jezelf te sturen. Het discrepante is echter dat hele goede acteurs vaak iets missen waardoor het in het dagelijks leven wel eens mis gaat in relaties of conflicthantering. Dat vind ik heel boeiend. Bij TETH zijn liefde, aanvaarding en vergeving de kernwaarden. Daar zit geen afgunst in. Ik denk dat dat iets heel belangrijks is.”
9 juli 2009: Astrid Nijgh (zangeres) Zangeres Astrid Nijgh (60 jaar) is op donderdag 9 juli de 40e gast in het radioprogramma de 100 van Castricum van de lokale omroep. Astrid Nijgh is vooral bekend van de hit “Ik doe wat ik doe” uit 1973. Zij was enige tijd getrouwd met Lennart Nijgh en werkte met hem samen als schrijversduo. Astrid Nijgh is nog steeds actief als zangeres, componist en tekstschrijver, maar geeft ook presentatietrainingen en teambuilding. Dit jaar zit Astrid 40 jaar in het vak.
"Het zat er bij mij al heel jong in. Die creativiteit, dat zit gewoon in je. Dat is een talent dat je meekrijgt. Mijn muziekleraar op de middelbare school in Beverwijk, Andre Kaart, is een enorme stimulans voor mij geweest. Hij voelde gewoon: daar zit wat, en dat gaan we eruit halen.”
“Ik had een handicap, waar ik nu enorm veel profijt van heb: dat is die idioot lage stem. Ik ben een contra-alt en dat komt bijna nooit voor bij vrouwen. Het is een vreemd instrument in mijn strot. Op school mocht ik niet meezingen: ik moest met de jongens gaan zitten kleien en dan gingen de meisjes zingen. De juf zei: jij zingt vals. Ik zei: nee, ik zing helemaal niet vals. Ik zing een octaaf lager, dat wel.”
“Ik ben begonnen op de teksten van Lennart Nijgh muziek te schrijven. De tekstschrijver inspireert de componist. Ik heb ongelofelijk veel geleerd door te werken met Lennart. Dat is toen zo bevallen, dat ik steeds meer opdrachten kreeg. We hebben samen geschreven voor bijvoorbeeld Adele Bloemendaal en Rob de Nijs toen Boudewijn de Groot geen zin meer had en in een impasse zat.”
“Het schrijven van muziek is een heel bijzonder proces. Het is elke keer een soort van wonder. Het overkomt je, dat is zo mooi. Ik denk zo vaak: heb ik dat gemaakt? Het is elke keer weer een verrassing.”
25 juni 2009: Kees Kroone (Limmenees) Kees Kroone (64 jaar) is geboren en getogen in Limmen. Hij was en is actief in vele besturen. Tevens zat hij 16 jaar lang in de gemeenteraad van Limmen. Kees is ook al jarenlang vrijwillig actief voor de katholieke kerk. In zijn werkende leven was hij vooral actief als verkoper.
"Ik kan mij niet anders herinneren dan een onbezorgde jeugd, hoewel mijn ouders de nodige financiële zorgen hadden. Je hebt daar weinig van gemerkt. Je had niks, maar je had elkaar en daardoor had je eigenlijk alles. Je woonde op een gezellige buurt, ik ben opgegroeid aan de Hogeweg in Limmen, en je kende daar iedereen. Geld is belangrijk in het leven, maar geld is niet zaligmakend.”
“Genieten van het leven, dat moet je elke dag doen. Als het niet zo’n mooie dag is, dan ga je er thuis wat van maken. Ik heb een kantoor waar zo’n twee ton papier ligt, die ik nog uit moet zoeken. Er liggen heel veel tijdschriften, heel veel dingen van het verleden en er ligt ook een bananendoos met kranten van grote rampen die er zijn gebeurd. Waarom ik dat bewaar, weet ik ook niet. Ik vond het toch wel het bewaren waard."
"Er is in een dorp als Limmen, net als in andere plattelandsdorpen die niet zo snel gegroeid zijn, een sterke gemeenschapszin. Er is een samenhang en saamhorigheid in het dorp. Als je iets wilt organiseren vis je wel altijd in dezelfde vijver voor de mensen die dat gaan organiseren, maar die mensen zetten de schouders eronder en weten andere mensen te activeren en te enthousiasmeren. Ik neem zelf niet overal deel aan de activiteiten die worden georganiseerd door organisaties waar ik actief voor ben, maar ik vind het belangrijk dat er leven blijft in het dorp. Spel is goed voor mensen, om samen iets te doen.”
4 juni 2009: Peter van Trigt (journalist) Peter van Trigt (65) woont 30 jaar in Castricum en was freelance journalist in de bouwsector. Hij is fervent verzamelaar en wandelaar. Momenteel schrijft hij een rubriek in een lokale krant. Peter is voorstander van positief nieuws.
“Het dorp zelf vind ik niks. Het is ongelofelijk lelijk gebouwd en alles wat erbij gebouwd wordt is nog veel lelijker. Van boerengat is het hier een forensendorp geworden. Het was hier vroeger ook echt armoe en dat kun je zien in de bebouwing. Ben je in Heiloo in het centrum, dan kun je zien dat daar welvaart was. Hier doet men heel sentimenteel over oude huisjes, maar oneerbiedig gezegd zijn die huisjes het in elkaar schoppen niet waard.”
“Dit vak bleef mij boeien omdat je steeds mensen ontmoet die bezig zijn en die gedreven zijn, die wat te vertellen hebben. Je komt in aanraking met nieuwe procedés, die heel interessant zijn. Je praat steeds met mensen die voorop lopen. Ook het bedrijfsmatige interesseert mij. Sommigen pakken dat heel slim aan en anderen maken enorme fouten en dat boeit. Je leert zelf ontzettend veel. Na vijf, zes jaar had ik het gevoel dat ik zo zelf bedrijfsadviseur kon worden.”
6 april 2009: Herman Rijsdijk (zwembad de Witte brug) Herman Rijsdijk (48 jaar) werkt sinds 2001 als manager in zwembad en sauna ‘de witte brug’ in Castricum. Herman heeft de visie dat het kind centraal staat de afgelopen jaren doorgevoerd in het zwembad. Hij geeft leiding aan de 28 medewerkers van het zwembad.
“Ik was een enthousiast zwemmer vroeger, ik heb ook aan wedstrijdzwemmen gedaan. We trainden wel 3 a 4 keer per week en speelden op redelijk hoog niveau. We hebben ook in het buitenland diverse wedstrijden gezwommen. Ik ben toen ik 13 was gaan waterpoloën, tot mijn 32e en toen ben ik waterpolo-trainer geworden.”
"Veel zwembaden lijken erg op elkaar. Wel uniek hier was dat er een sauna bij was en dat alles in eigen beheer was, zoals de horeca in het zwembad. Dat heeft als voordeel dat je veel efficiënter met je personeel kunt omgaan en veel meer in eigen hand hebt. De bemoeienis van de gemeente is hier ook heel beperkt. We bepalen bijvoorbeeld zelf de prijzen.”
“Het is hier zeer gemoedelijk, heel sociaal. Er zijn zwembaden waar elk weekend de politie langs moet komen. Dat is in mijn tijd hier twee keer gebeurd. Dat zegt veel. In 1988 is het zwembad afgebrand en in 1989 is het opnieuw geopend. Het huidige zwembad is gebouwd op de fundamenten van het oude bad.”
19 maart 2009: Peter Brouwer (directeur Toonbeeld) Peter Brouwer studeerde klarinet aan het conservatorium in Amsterdam en is reeds 25 jaar verbonden aan Toonbeeld; eerst als docent klarinet en saxofoon en de afgelopen 10 jaar als directeur.
“Ik viel in mijn Conservatorium-tijd veel in bij orkesten. Toen mij gevraagd werd om naast in Heiloo ook in Castricum les te geven, wist ik dat dat voorbij zou zijn. Daar heb ik heel bewust voor gekozen en nooit spijt van gehad. Ik heb altijd met heel veel plezier les gegeven. Het leuke is: je bent met het talent van iemand bezig, je hebt gemotiveerde leerlingen. Leraar, dat blijf je ook, denk ik. Ik denk dat mijn kwaliteit is om altijd het positieve te kunnen vinden, waardoor mensen weer met plezier verder kunnen.”
“Iedereen kan in zijn handen klappen, iedereen kan twee tonen zingen: dat is een begin.”
“Ik vind dat muziek en beeldend onderwijs een plaats zou moeten hebben binnen de basisscholen en het basisonderwijs. Ik vind dat wij niet in een apart gebouw zouden moeten zitten, maar in die scholen moeten rondlopen. Wij horen daar thuis."
“Toonbeeld zit toch wel in mijn hele leven. Ik neem Toonbeeld volgens mijn vrouw ook wel wat teveel mee naar huis of op vakantie. Er zijn altijd dingen die opgelost moeten worden, waar iets op gevonden moet worden. Altijd verschillend, waardoor het ook heel leuk blijft.”
5 maart 2009: P.Q. van Daalen (begrafenisondernemer) P.Q. (Peter) van Daalen is al ruim 30 jaar actief als begrafenisondernemer, vanaf 1980 in Bakkum. Tevens is hij voorzitter van de stichting Sociaal Carnaval.
“Bakkum heeft iets wat Castricum niet heeft, maar wat… Iedereen kent elkaar, het is ons kent ons en dat mis ik een beetje als ik het spoor over ga. De saamhorigheid in Bakkum is denk ik groter dan in Castricum. Voorom is bij Bakkummers niet gebruikelijk, je komt achterom bij iemand binnen.”
“Ik oefen het vak al jaren uit met heel veel plezier en heel veel dankbaarheid. Je hebt vaak vijf dagen intens contact met nabestaanden. komt als een wildvreemde binnen en krijgt de hele ziel en zaligheid van een familie over je heen. We hebben ook een beroepsgeheim en een soort ethiek: daar praat je verder niet over. Tachtig procent van mijn werk bestaat uit goed luisteren. Je staat naast mensen en je raakt ze eigenlijk in het diepst van hun ziel, zeker als er sprake is van een plotseling overlijden.”
“Ik ben een bevrijdingskindje. Mijn moeder is in 1945 tegen een Canadees aangelopen en daar ben ik uit voortgekomen. In 2000 heb ik mijn familie in Canada gevonden. Mijn vader was helaas al overleden. Ik heb wel een Canadese moeder, drie zussen en een broer. Het contact is zeer intens, we hebben wekelijks contact en we gaan elk jaar twee weken naar Canada.”
“Ik vergeet het nooit meer. Ik werd gebeld en ik kreeg het volgende te horen. Het goeie bericht is dat we je familie hebben gevonden en het slechte bericht is: je vader is dood. Ik heb toen de vlag halfstok gehangen en heb een rouwadvertentie in het nieuwsblad van Castricum geplaatst. ’s Avonds hebben we direct telefonisch contact gehad en een paar maanden later naar Canada gevlogen en ik werd onthaald als de verloren zoon. Ik vergeet het van z’n levensdagen niet meer. Bij mij thuis zeggen ze dat ik rustiger ben geworden daardoor. Mijn leven is inderdaad veranderd.”
19 februari 2009: Marianne Huijben (blind) Marianne Huijben woont pas sinds september 2008 in Castricum. Marianne (43 jaar) is sinds jonge leeftijd blind en werkt bij het ministerie van VWS voor de Raad voor Volksgezondheid en Zorg. Zij deed meerdere malen mee aan de Paralympics.
“Ik ben eigenlijk vanaf mijn tweede helemaal blind, Met acht maanden is ontdekt dat ik een tumor had op mijn netvlies. Toen is een oog onmiddellijk verwijderd, om te voorkomen dat het verder zou uitzaaien. Het andere oog is bestraald en daarvoor heb ik heel lang in het ziekenhuis gelegen. Dat was voor mijn ouders heel spannend. Een jaar later bleek toch dat het niet goed was gegaan en hebben ze besloten het tweede oog ook te verwijderen."
“Ik ben begonnen op een gewone kleuterschool. In die tijd was dat heel bijzonder. Mijn lagere school heb ik speciaal onderwijs gevolgd. Voor het leren van braille, het leren omgaan met je handicap was dat ook van belang. Ik was door de week intern op een instituut met 12 kinderen en zat op een school voor blinde en slechtziende kinderen. Ik heb daar steno geleerd, leren typen en met een stok leren lopen. Ik was er erg blij mee. Er waren kinderen op die groep van meerdere leeftijden en daar leerde je ook heel veel van.”
“In heb begin hield ik alleen van zwemmen. Ik ben bij een club gegaan en daarna ben ik ook meer sporten gaan doen en heb ik gemerkt dat sporten echt bij mij hoort. Ik zal het ook mijn hele leven blijven doen. Ik werd met zwemmen al snel gevraagd mee te doen in de nationale selectie voor gehandicapten. Ik ben toen tot mijn verbazing ook naar de Paralympics gegaan, die toen in Nederland gehouden werden en ik heb toen zelfs een medaille gewonnen. Ik ben uiteindelijk goalbal gaan spelen, dat is een speciale sport voor blinden. Ik heb met ons team in 2000 en 2004 meegedaan aan de Paralympics en daar hebben we heel hard voor moeten trainen: 32 uur per week trainen en dat naast mijn werk.”
“Ik wilde in een kleinere plaats wonen, dat je ook wat contacten met mensen kunt opdoen. Ik weet nog dat ik hier pas kwam wonen en nog wat onzeker was over de weg en dan kwam ik snel met mensen in contact. Ik werd heel vaak aangesproken en geholpen. Ik vond dat zo opvallend, want in Leiden gebeurde dat zelden.”
5 februari 2009: Bep Mokry (vrijwilliger)
Bep Mokry (82 jaar), afkomstig uit een gezin met 12 kinderen, woont sinds 1965 in Akersloot en is al 37 jaar actief bij de lokale gymnastiekvereniging WWSV en ook al lang actief bij de kerk in Akersloot.
“Ik was 13 toen de oorlog begon. We woonden toen in Rotterdam. Als ik zo mijn ogen dichtdoe, zie ik zo die vliegtuigen en zie ik zo die bommetjes vallen. Zoiets vergeet je nooit meer. Ik was thuis, mijn vader las een stukje uit de bijbel, de sirenes gingen en we zagen die vliegtuigen. Dat is een fotografisch beeld dat in je hoofd blijft zitten.”
“Ik heb vijf jaar gewerkt als verpleegster in de psychiatrie. Dat was heel mooi. Na vijf jaar ging ik trouwen en mocht ik niet verder werken. Ik vond dat heel jammer: ik heb wat gejankt daar. Je gaat je zo hechten aan die mensen. Mensen lagen bijvoorbeeld in bed met een spanzeil, dan konden ze zich niet bewegen. Dan kwam er bezoek en maakte ik dat spanzeil los, zodat ze elkaar even konden aanraken. Dat mocht niet en dan kreeg ik weer een reprimande. Maar ja, het zijn toch ook mensen. Je deelde veel met elkaar.”
“Op een gegeven moment ging mijn man bij de Hoogovens werken en toen zijn we in Akersloot komen wonen. Ik had er nog nooit van gehoord. Je moet jezelf wel geven hoor, anders kom je er niet in. Je moet jezelf wel bemoeien met van alles en boodschappen doen in je dorp. Je moet wel meedoen. We gingen eerst in Heiloo naar de gereformeerde kerk, maar dan word je nooit eigen. Toen zijn we overgestapt naar de kerk in Akersloot.”
“Op een avond was er een ledenvergadering. Ik ging erheen, ik had wat klachten over een leidster. Ik dacht: daar zitten een hoop mensen, maar ik was de enige. Toen vroegen ze iemand voor het bestuur. Ik zeg: vooruit. En dat doe ik nog steeds. Ik heb ook in jury’s gezeten en daar nog cursussen voor gehad. Ik deed dat vroeger bij wedstrijden, maar ik doe dat sinds twee en een half jaar ook niet meer. Ik kreeg zo’n grote mond van die jonge kinderen die zaten te jureren. Ik vond het wel jammer, hoor!”
22 januari 2009: Fred Bakker ('t Dierenduintje) Fred Bakker (53 jaar) en zijn vrouw Willa zijn de drijvende krachten achter kinderboerderij het Dierenduintje in Castricum. Samen met een aantal andere vrijwilligers zorgen zij ervoor dat het Dierenduintje elke week in het weekend is geopend voor alle belangstellenden. Het Dierenduintje werkt vanuit de gedachte dat elk dier recht heeft op een goed leven.
“Willa en ik waren bij de veemarkt in Purmerend. Er stonden heel veel geiten. Af en toe werd er eens wat verkocht. Ik vroeg toen wat er gebeurde met degenen die niet werden verkocht. Die bleken 24 uur later aan een vleeshaak te hangen in Frankrijk. Dat vond ik zo zielig, dat ik tegen Willa zei: als wij nou een stukje grond hebben… We begonnen met een stukje grond. Het was niet de bedoeling om een kinderboerderij te beginnen, maar een mooie tuin met wat dieren. Maar steeds meer mensen vroegen of ze even langs mochten komen en even mochten kijken.”
“Als je ze goed verzorgt en je leert ze meer kennen, dan ga je steeds meer zien. We zijn de enige kinderboerderij in Nederland bij mijn weten die dieren oud laten worden. We kopen dieren bij de slacht, die krijgen bij ons een goede oude dag. De oudste geit bij ons is nu 22. De oudste kip bij ons is 14. Waar zie je nog een kip van 14 jaar? De kip die jij bij de snackbar eet is zes weken. Zo ga je niet met dieren om, dat vind ik. Als ik die transporten zie, draait mijn maag om.”
“We zijn negen jaar niet op vakantie geweest. Dat ging gewoon niet. Nu kunnen we twee weekjes per jaar, dan nemen anderen het van ons over. We zijn ook een keer allebei met 39 graden koorts aan het werk geweest. ’s Morgens moeten de hekken open, het water moet verschoond worden, er moet eten gegeven worden en sommige dieren hebben medicijnen nodig. Het welzijn van de dieren staat voorop.”
8 januari 2009: Jan Stam (uitdeler Spits) Jan Stam (63 jaar) deelt dagelijks de Spits uit op het treinstation van Castricum. Hij werkte voorheen bij Hoogovens.
“Normaal gesproken is het vrij druk en deel ik zo’n 1700 kranten per dag uit. Ik blijf altijd vriendelijk, ook als mensen geen krant willen. Ik sta er toch. Mensen die tijd hebben maken een gezellig babbeltje, dat is leuk. Je hebt elke dag je vaste klantjes. Toen ik 60 jaar was ben ik met een regeling gestopt met de Hoogovens. Ik heb een jaar thuis gezeten en heb toen via mijn vrouw, die bij de krant werkt, dit baantje gekregen. Op deze manier blijf je onder de mensen. Anders raak je wat afgestomd. Nu doe je nog een beetje mee.”
“Ik heb een scootmobiel, omdat lange stukken lopen en lang staan niet gaan. In 1975 heb ik een ongeval gekregen op de Hoogovens. Het is spelen van een collega geweest, die probeerde met een vorkheftruck te rijden en toen ging die vork dwars door mijn been heen. Op dat moment voel je niks. Later wel.”
"Ik heb drie jaar in een rolstoel gezeten en ben negen jaar niet gewerkt. Ik heb in die tijd 22, 23 operaties gehad. Dat heeft lang geduurd en ik kan nu wel weer lopen. Zodoende heb ik een scootmobiel. Als ik die niet had gehad, had ik dit baantje ook niet gehad en had ik wel constant thuis gezeten.”
“Ik ben opgegroeid in Egmond. De mentaliteit in Egmond is wel anders dan in Castricum. Bij mijn vroeger was het zwart of wit, grijs was er niet. Dat is de mentaliteit van Egmond zo’n beetje. Ik ben de laatste tijd een beetje veranderd.”
11 december 2008: Pauline van Vliet (filmmaakster) Pauline van Vliet (42) woont sinds zes jaar in Castricum. Zij werkt al ruim 13 jaar op het Bonhoeffer College als geschiedenis docent. Zij begeleidt ook zittende en nieuwe docenten op het Bonhoeffer en op verschillende andere scholen. Naast haar werk op het Bonnhoeffer, legt zij sinds drie jaar levensverhalen vast op film. Uitspraken van Pauline in het interview:
"Ik begeleid vooral beginnende docenten en die worstelen eigenlijk altijd met orde. Dat is iets wat altijd al gespeeld heeft. Hoe manage je zo’n groep van 30 pubers, die soms met hele andere dingen bezig zijn dan wat jij wilt overdragen? Over het algemeen zijn ze er heel blij mee. Ze kunnen met mij van alles bespreken waar ze tegenaan lopen."
"Ik ben eigenlijk geïnteresseerd in mensen. We weten nooit helemaal precies hoe het geweest is. Er zijn verschillende verhalen over dezelfde geschiedenis. Dat vind ik ook altijd heel interessant. Ik vind het prachtig dat er zoveel verschillende waarheden bestaan."
"Het is eigenlijk begonnen met dat ik mijn eigen ouders wilde interviewen. Dat heb ik opgenomen op film en dat werd zo’n succes dat ik ook andere filmdocumenten ben gaan maken en op een gegeven moment ben ik dat professioneel gaan doen. Er is een behoefte aan. Het gebeurt meer tegenwoordig."
"Wat ik wel vaak zie is dat het toch vaak over familie gaat. Mensen vertellen soms dingen die ze al jaren niet meer verteld hebben. Dan vinden mensen het toch heel prettig om daarover te vertellen. Mensen worden bijna altijd emotioneel en zeker als ze de film terugzien.""
"Het gaat erom dat je terwijl je leeft beseft wat waardevol is en dat niet vergeet."
27 november 2008: Harrie Geerts (bestuurder) Harrie Geerts (81) woont bijna 60 jaar in Bakkum en Castricum en bekleedde tal van bestuursfuncties, onder meer in het onderwijs en de kerk. Ook was hij voorzitter van toneelvereniging Pancratius. Momenteel is Geerts actief als lid van de WMO-raad en het Cliëntenplatform Castricum. Uitspraken van Harrie Geerts tijdens het interview:
"In 1958 werd ik voorzitter van de oudervereniging van een school in Bakkum. Dat was ook de eerste oudervereniging voor die school. In het katholiek onderwijs hadden ouders daarvoor niet veel in te brengen. In die oudervereniging zat overigens ook de legendarische meester Bodewes, waar nog een straat naar is genoemd. Hij had een bijzondere manier van optreden, wars van alle formaliteiten. Het was bij hem meer dan leren alleen."
"In 1963 was het 25-jarig bestaan van de toneelvereniging. Men had toen geen voorzitter en toen ben ik daarvoor gevraagd, om het jubileum te begeleiden. In de week dat de voorstelling zou plaats vinden, werd Kennedy vermoord. Dat betekende dat in het weekend daarna alle muziek- en dansvoorstellingen streng verboden waren: er was rouw. Ik heb toen overlegd met de wethouder. Tenslotte is er als compromis uitgekomen, dat zolang de muziek functioneel was het mocht. Maar zonder toeters en bellen en zeker geen bal na, wat in die tijd gebruikelijk was."
"Het is een manier om invloed uit te oefenen en vooral met het oog op het inbrengen van de ervaring die je hebt opgedaan. Mensen van onze leeftijd hebben een lange geschiedenis en nog maar een korte toekomst. Die lange geschiedenis, met de ervaringen en het netwerk dat je hebt opgedaan, kunnen van enig belang zijn."
16 oktober 2008: Johan Olling (pastor) In de 25e aflevering van het radioprogramma was Johan Olling te gast. Johan Olling, geboren in Alkmaar, is pastor van de Corneliusparochie in Limmen. Vorig jaar vierde hij zijn 25-jarig jubileum als pastor. Uitspraken van Johan Olling uit het interview:
"Ik wilde als jongetje van 12 jaar al missionaris worden. Maar in mijn studietijd in Roosendaal kwam ik er achter dat ik meisjes wel leuk vond in mijn leven. Dat betekent dat je geen priester of missionaris kunt worden. Ik ben er toen een jaar uitgestapt, daarna heb ik de priesteropleiding toch afgemaakt in Londen. Ik heb mij toen niet als priester laten wijden. Ik begonnen als pastoraal werker, in Breda. Omdat de familie in Alkmaar mij toch trok ben ik via Purmerend in Limmen terecht gekomen."
"Ik kwam uit een katholieke familie en dat neem je met je mee. Je merkt dan toch iets van dat wat groter is dan je hart en je in beweging zet. Ik had van de week een uitvaart en dan probeer je toch iets van troost te geven, stamelend iets te zeggen van: het kan nu toch niet afgelopen zijn. Dat er ook iets is na de dood, daar vertrouw ik ook op. God is voor mij iets wat allesomvattend is. Ik noem Hem ook altijd Hij, die groter is dan ons hart. Als je meer beseft dat iets buiten jou je dat duwtje geeft, dat het niet altijd van jou hoeft te komen, dat helpt me."
"Limmen is een hele hechte gemeenschap met sterke familieverbanden. Dat maakt Limmen wel uniek. Er is een hele sterke gemeenschapszin en dan is het heerlijk om daar pastor te zijn. Daar zit ik goed hoor. Ik ben echt een gemeenschapsdier."
"Het gaat erom om met elkaar er iets goeds van te maken. Dat mensen serieus genomen worden en gekend. Een parochie is daarin iets heel belangrijks."
2 oktober 2008: Joke de Wit (peuterjuf) Al 37 jaar lang is Joke de Wit peuterjuf in Akersloot. Door haar werkzaamheden op ‘de Peuterbeuk’ kent zij velen binnen Akersloot. Joke de Wit, zelf geboren in Amsterdam, staat er bekend om dat zij altijd goed gehumeurd is. In 2007 kreeg zij een lintje. Uitspraken van Joke tijdens het gesprek:
"Mijn vrienden dachten dat ik binnen een jaar terug zou zijn in Amsterdam, maar ik vond het heerlijk. Akersloot is hardstikke leuk, maar je moet jezelf wel geven. Als je een beetje als een zombie door dat dorp loopt, blijf je dat. Ik woonde daar een jaar en toen ben ik komen kijken op de peuterspeelzaal en ik ben nooit meer weg gegaan. Het is mijn kindje."
"Wat ik leuk vind is om elke dat weer de kinderen als inspiratiebron te gebruiken. Om te proberen te achterhalen wat ze nodig hebben om zich te ontwikkelen. Je hebt doordouwers, je hebt kinderen die zich laten leiden. Kinderen die graag met anderen spelen, maar ook kinderen die graag in hun eentje spelen. Ik vind ze allemaal even lief. Ik hou zelfs van wat meer moeilijke kinderen: om te doorgronden wat hij nou graag wil."
"2 november drie jaar geleden, overleed mijn man. Het ging van het ene moment op het andere. Hij kreeg een zware hartinfarct. Ik heb hem alleen nog gezien met mijn kinderen daar. Je zag het zo aflopen. Ik vond het heel fijn dat ik bij de Peut kon blijven en naar school kon gaan. Dan heb je je afleiding. Ik ben na een paar dagen alweer gaan werken. Dat hoefde niet, want ze hadden een invalster. Ik hoorde in het dorp wel praten dat iedereen het zo snel vond. Ik kon het opbrengen om met een blij gezicht voor die groep te gaan staan en ik was blij dat ik dat kon doen. Ik heb een baan uit duizenden."
4 september 2008: Corrie Hermann (oud-Kamerlid) Corrie Hermann (76), woonachtig in Castricum, was van 1998 tot 2002 lid van de Tweede Kamer voor GroenLinks, als woordvoerder gezondheidszorg. Momenteel is zij actief in Castricum onder meer bij GroenLinks en de Tuin van Kapitein Rommel. Corrie Hermann tijdens het interview:
"Mijn moeder was ooit begonnen om medicijnen te studeren en is daarmee opgehouden toen ze trouwde. Mijn moeder is door een ongeval heel jong overleden en toen heeft een tante voor mij gezorgd. Die tante was ook medicijnen gaan studeren en is daarmee opgehouden toen ze voor mij ging zorgen. Toen heb ik ook voor medicijnen gekozen, zonder meer ook om voort te zetten wat zij waren begonnen. Dat werkt door. Ik heb het afgemaakt en ik heb er mijn leven lang plezier van gehad."
"GroenLinks had toen vijf zetels en ik kwam op plaats acht. Paul Rosenmöller heeft toen voor elf zetels gezorgd en toen zat ik ineens in de Tweede Kamer. Ik was toen al 65, dus het was een leuke toegift op mijn carrière."
"De politieke verhoudingen zijn er niet gezelliger op geworden. Er is ook heel veel aandacht voor de dingen van de dag. Als er een TBS-er met proefverlof is ontsnapt, moet daar meteen weer in de Kamer over gepraat worden. Als je gekozen bent in de Kamer ben je toch gekozen om dingen voor dit land zo goed mogelijk te doen en dat is meer dan dat geharrewar."
"Je weet nooit precies hoe het uitpakt. Het is toch de oude spreuk: je moet het goede doen en of je nou resultaat ziet of niet, dat maakt in wezen niet uit. Soms zie je het resultaat ook pas veel later."
21 augustus 2008: Gaylord de Winter (Apicius) Restaurant Apicius van de gebroeders Thorvald en Gaylord de Winter in Bakkum beschikt over twee Michelin-sterren. Waar Thorvald de rol van chef-kok vervult, is Gaylord gastheer en gericht op de wijnen. Zowel Gaylord als de wijnkaart werden recent onderscheiden door gerenommeerde instituten. Gaylord de Winter tijdens het interview:
"We wilden een restaurant beginnen met een atmosfeer waarin we zelf graag uit eten gaan. Het moest comfortabel zijn met een mooi product. We verkopen een avondje uit. We zijn allebei begonnen in de keuken. Je hebt geen twee kapiteins in de keuken nodig en ik moest mijn meerdere erkennen in mijn broer."
"Als gastheer moet je goed naar je gast luisteren en invulling geven aan de wensen van je gast, misschien nog wel meer dan de gast verwacht. Dat is de kunst."
"Die wijn van 2395 euro, die heb ik vorige week nog verkocht. Dat zijn collectors items. Zo’n wijn kan een particulier niet zomaar kopen. Ik kan die flessen kopen, omdat ik een bepaalde hoeveelheid flessen per jaar afneem. Dat soort flessen is pure gunhandel. Die flessen mag je kopen omdat ze het je gunnen."
"We zijn broers, zakelijke partners en we zijn vrienden. Dat gaat uitstekend. We kunnen ook goed ruzie maken. Dat komt omdat je van elkaar weet wat je kan en als je dat dan niet geeft, komt er wel eens wrijving. Maar dan hebben we een goede reden om een fles wijn open te trekken en dan komen we er meestal wel weer uit."
24 juli 2008: Clementine Bruschke (Vredenburgers) Clementine Bruschke uit Limmen is voorzitter van het koor de Vredeburgers. Dit koor bestaat sinds 1975 en staat in een langere traditie van koren in Limmen. De vader van Clementine was de eerste dirigent van het koor, haar broer de tweede. Uitspraken van Clementine tijdens het interview:
"Mijn vader was niet streng, hij probeerde de muziek over te brengen door het gevoel duidelijk te maken. Hij gaf ook zangles aan huis. Er werd niet in geld voor betaald, maar binnen Limmen werd er ook veel met kado’s betaald. Wij hebben thuis nooit honger gehad: we hadden worst thuis van de slager… in natura is hij goed betaald."
"Het is een soort familie: je bent allemaal heel hecht met elkaar. Je moest wel repeteren, maar er werd veel tijd gemaakt voor pauzes. Er werd veel gebabbeld: het moest ook een hele gezellige avond worden. Ik vind wel dat Limmen accepteert dat er toch af en toe een beetje gemakzucht is."
"Muziek is plezier, maar de muziek je eigen maken, het repeteren, dat is hard werken."
"Als je in een koor zingt, ben je niet in je eentje in de picture. Je bent een onderdeel van het geheel en ik denk dat je dan je remmingen wel een beetje loslaat. Als je zingt met elkaar, voel je je ook verbonden met elkaar. Je staat er samen om het geheel te brengen. Er wordt ook van je gevraagd om je stem aan te passen aan het totaal: je moet er niet bovenuit komen."
10 juli 2008: Simon Aardenburg (boswachter) Simon Aardenburg (32 jaar) werkte 10 jaar lang als boswachter in het duingebied bij Castricum. Samen met zijn vrouw en drie kinderen emigreert hij dezer dagen naar Zweden. Simon tijdens het interview:
"Het duingebied is natuurlijk een prachtig gebied. Ik vind het heel prettig om daar te zijn, om er doorheen te struinen op een mooie ochtend en dingen te ontdekken. Als boswachter zit je tegenwoordig veel van de tijd gewoon binnen te vergaderen en dat is toch wel jammer."
"Ik woon of woonde in het duingebied: naast het huisje van Kijk uit, in het oude huis van jonkheer Gevers. Het is een hele mooie plek. We hebben daar al die tijd een vakantiegevoel gehad. Je kunt er mooie feestjes geven, je hebt ruimte om je heen."
"Als ik de weg opga, dan vind ik dat het hartstikke druk is. Het slibt aardig dicht en dat heeft ook een weerklank op de mensen zelf. Ik merk het ook in het gebied als ik mensen spreek. De mensen zijn gejaagd, af en toe snel geïrriteerd en lopen misschien wat meer op hun tenen dan elders. De prijzen van de huizen zijn hoog, je moet met z’n tweeën werken… het is een wat meer gejaagde samenleving dan daar in Zweden."
"Het lijkt ons een mooi avontuur. Als het niet gaat, dan gaan we toch weer terug? Zo simpel is het natuurlijk eigenlijk wel. We hebben het dan in elk geval geprobeerd. Er is meer dan Castricum en Heemskerk, al voel ik mij wel heel verbonden met deze streek."
26 juni 2008: Christel Portegies (wethouder) Wethouder Christel Portegies was in juni 2008 te gast in het radioprogramma ‘de 100 van Castricum’. In 1998 was zij het jongste raadslid ooit in Castricum. Zij is sinds twee jaar wethouder voor de VVD voor onder meer milieu, wonen en bouwen. Uitspreken van Christel Portegies tijdens het gesprek:
"Mijn ouders hadden een schildersbedrijf en een winkel in Castricum. Er werd veel gewerkt, maar we gingen de zondagen vaak weg en zondags naar het strand. Af en toe gingen we op vakantie, maar niet vaak, want het was druk met een eigen bedrijf."
"Ik wil wat ik doe goed doen en dat verlang ik ook van anderen. Dat is niet altijd even makkelijk voor de mensen om mij heen op het gemeentehuis. Ik ben gauw kortaf en ik ben snel ontevreden. Ik ben veeleisend en ik vind ook dat ik dat mag zijn. Omdat we het voor onze inwoners goed voor elkaar moeten hebben en goede besluiten moeten nemen."
"Je zit snel op 60 uur werken per week, omdat het ook vaak ’s avonds en in het weekend is. Ik ben niet vies van veel werken, maar de balans tussen werk en privé is soms wel een beetje zoek. Ik ben nu aan het leren nee zeggen. Daar heb ik wel aan moeten wennen want je wilt zo graag en je wilt mensen niet teleurstellen als ze vragen of je mee wilt komen praten of ze bij je langs willen komen. Politiek is zeven dagen in de week."
"Je moet goed kunnen luisteren, je moet weten waar je naartoe wilt en je moet niet bang zijn. Je moet soms ook impopulaire maatregelen nemen, omdat je een visie hebt voor de toekomst van een dorp."
29 mei 2008: Dick Gorter (verzamelaar) Dick Gorter, geboren en getogen in Castricum schreef een achttal boeken over Nederlandse koopvaardijschepen en is voorzitter van de stichting maritiem historische databank. Dick werkte sinds zijn 17e bij de KNSM in Amsterdam. Zijn verzameling foto’s van koopvaardijschepen bestaat uit 75.000 exemplaren.
"Mijn grootouders woonden op Texel.In die tijd ging je met de stoomboot naar Texel en dat maakte op een jongetje van 5, 6 jaar enorme indruk. Dat waren ook hoogtijdagen voor de Nederlandse koopvaardij. Het was ook de tijd van de kartonnen bouwplaten, waar ik er tot wanhoop van mijn moeder ongeveer dertig van had staan. Het was ook de tijd van de plaatjes in de sigarettendoosjes. Je spaarde alles wat met schepen te maken had. Zo is het begonnen."
"Mijn eerste twee boeken gingen over de standaardschepen die onder Nederlandse en Belgische vlag hebben gevaren tijdens de tweede wereldoorlog. We zijn daar vier jaar mee bezig geweest. De boeken zijn echter heel goed ontvangen over de hele wereld. Het gaat dan niet om grote oplages, maar om 1500 exemplaren per deel. Het zijn lijvige boeken geworden. De boeken zijn ook te gebruiken als naslagwerken."
"De grote vraag is: wat gebeurt er met mijn verzameling foto’s als ik mijn ogen sluit? Mijn beide zoons hebben geen enkele belangstelling voor schepen. Ik heb ze zelfs een extra stuk van de erfenis aangeboden om de verzameling maar voort te zetten, maar ook dat hielp niet. Er zijn toen een aantal mensen met een vergelijkbaar probleem bij elkaar gaan zitten. Toen is er een database opgezet om foto’s op te slaan voor het nageslacht."
15 mei 2008: Frits Schreuder (Muttathara) De stichting Castricum helpt Muttathara bestaat 25 jaar. Op 15 mei was Frits Schreuder, voorzitter van de projectgroep en ruim 10 jaar verbonden aan de stichting, te gast in het programma ‘de 100 van Castricum’. Uitspraken van Frits tijdens het interview:
"De winkel van onze stichting is drie dagen per week open. Per dag zijn er 600 tot 800 bezoekers. Per jaar halen we een omzet van bijna 4 ton. Helaas gaat een deel van die omzet naar de fiscus, aan BTW. We werken met 80 vrijwilligers om alle activiteiten uit te voeren. Het is een bedrijf dat we runnen met elkaar."
"Ik ben in India geweest in 2000. Je komt in de allerarmste omstandigheden. Als je ’s morgens vroeg door Bombay rijdt, zie je vrachtwagen staan die lijken verzamelen uit de sloppenwijken. Vrijwilligers die daar in de modder staan en hulp leveren, willen wij steunen. Essentie daarbij is dat inwoners zelf zaken opzetten, want hulp maakt hulpeloos."
"Ik heb toen ik daar heenging een videoband meegenomen om hen te laten zien waar dat geld nou vandaan komt, omdat we die vraag vaak kregen. Ze begrepen daar helemaal niets van. Dat wij spullen over hebben en dat die weer verkocht worden, terwijl ze daar alleen twee lapjes hebben: een om hun lijf en een om onder te slapen. Als ze te gast zijn in Nederland, beginnen ze het na een paar weken te begrijpen. Het contrast is gigantisch."
24 april 2008: Loek Zonneveld (verteller) Loek Zonneveld, actief binnen de werkgroep Oud Castricum, was op 24 april te gast in ‘de 100 van’. Loek weet veel te vertellen over de ontwikkeling van Castricum. Samen met Niek Kaan schreef hij het boek "Alsof het gisteren was", waarin de ontwikkeling van Castricum tussen 1950 (9.000 inwoners) en 2000 (23.000 inwoners) wordt behandeld. Ook was hij tijdenlang speaker bij Vitesse '22 en werkte hij 41 jaar voor bioscoop Corso. Uitspraken van Loek tijdens het interview:
"Ik ben geboren waar nu de danszaal van hotel Borst is, in 1930. Waar nu de bar staat, stond toen de bedstee. De spoorwegen kwamen in de jaren twintig. Toen is er afgesproken dat alles wat aan de westkant van het spoor ligt Bakkum ging heten, tot de Duin en Boscherweg."
"De Zaandammers noemden de Bakkummers ook wel zandhazen. Veel Zaankanters en Amsterdammers kwamen naar de camping. Dat was amikaal over en weer. In de beginperiode, als die jongelui uit Amsterdam kwamen, vernielden ze de boel. Dat gebeurde wel eens rond Pasen. Dan was er wel eens bonje. Maar in het verloop van de zomer trok je met elkaar op."
"Ik ben iemand die van direct houdt en niet van erom heen draaien. Ze kunnen mij de waarheid zeggen, maar dan kunnen ze ook een antwoord verwachten met de waarheid."
10 april 2008: Arend de Jong (vogelliefhebber) Arend de Jong uit Castricum is ruim 30 jaar lid van de vogelwerkgroep Castricum. Hij ontving in 2002 in verband met de excursies die hij gaf over uilen en vleermuizen de ’Zilveren maan’ van de provincie Noord-Holland. Momenteel telt hij het aantal bosuilen in onze regio. Uitspraken uit het interview met Arend de Jong:
"Toen ik een jaar of vijf was woonden wij in de zomer op een tuincomplex. Daar was een vogel die steeds zat te zingen ‘marietje, marietje’ en ik kan mij dat nog steeds herinneren dat die vogel de hele zomer voor mijn gevoel dat zat te zingen. Ik was daardoor gefascineerd: waar zat ‘ie en hoe zag ‘ie eruit? Daar ben ik toen nooit achter gekomen."
"Veel dieren, vogels ook, hebben hun eigen leefgebied. Dat gebied verdedigen ze door te zingen. Als ik in het gebied van een bosuil hetzelfde geluid als een bosuil ga maken, krijgt hij een prikkel om zijn gebied te verdedigen en gaat zitten zingen. Als je goed luistert en getraind bent in bosuilen, kun je horen dat ze allemaal een andere stem hebben. Op basis daarvan kun je het aantal uilen vaststellen in een bepaalde regio."
"Het wordt steeds minder met de natuur in Nederland. Alles wordt steeds meer geïndustrialiseerd, ook de bio-industrie.Je krijgt steeds meer scherpe tegenstellingen: het is of natuur, of industrie."
27 maart 2008: Anne Hoorn (reiziger) Anne Hoorn (73), woonachtig in Castricum, is niet alleen reislustig. Op haar 65e jaar behaalde zij haar vliegbrevet. Uitspraken van Anne tijdens het interview:
"Ik ben graag op reis. Het gaat mij om het reizen op zich, ik hoef niet eens aan te komen. Het liefst ga ik met de trein of met de boot, dan ontmoet je de meeste mensen. Ik heb drie keer de Trans Siberië - Expres gedaan en ik zou het zo weer willen doen. Je ziet onderweg eigenlijk niks. Die oneindigheid kunnen wij ons eigenlijk niet voorstellen: het is 1 grote vlakte. Ik hou van die vlaktes, ik vind die woestijn ook fantastisch. Dat er helemaal niets is."
"Andere culturen zien, iets anders zien, dat vind ik de kick van het reizen. Ik heb een dochter die overal zit, dan ga je die toch opzoeken? Voor die tijd reisde ik ook wel, maar niet zo ver. Toen nog vooral in Europa. Ik vind geraniums best mooi, ik wil er best achter zitten, maar ik ga nou eenmaal graag op reis. Binnenkort gaat mijn dochter weer verhuizen, ik hoop eigenlijk dat ze weer ver weg gaat wonen."
"Ik was op Lelystad en ik zag dat je kon leren vliegen. Dat leek mij leuk, dus dat heb ik gedaan. Ik ben eerst 14 dagen gaan zweefvliegen daar. Daarna heb ik les genomen. Leren vliegen is leuk, maar om nou een vliegtuig te gaan kopen is weer wat anders. Niet dat ze zo duur zijn, maar je kunt het niet in je tuin zetten. Hier in Noord-Holland zijn heel veel restricties, het is heel vol in de lucht. In het Oosten van het land zijn veel meer mogelijkheden. Zelf vliegen is een ultieme kick: zelf vogeltje spelen. Je moet mij niet op de Eifeltoren zetten, maar in een vliegtuig is heel leuk. Je voelt je heel vrij, met al die ruimte om je heen."
13 maart 2008: Nico Bijman (het Kronendak) Na enige tijd werkzaam te zijn geweest in de gezondheidszorg verzorgt Nico Bijman al geruime tijd samen met zijn vrouw Dorina van Beek zelf opvang voor kinderen met een verstandelijke beperking. In hun gezinshuis ‘het Kronendak’ in Castricum wonen naast hun eigen 3 kinderen een groeiend aantal kinderen met een verstandelijke handicap. Op de foto staat Nico samen met zijn vrouw en één van hun medebewoonsters. Nico tijdens het gesprek:
"Voor een kind geeft het een groot gevoel van veiligheid als je elke ochtend hetzelfde gezicht ziet en dat dat iemand is die weet wat jij gisteren hebt meegemaakt, die kan teruggrijpen op die gebeurtenissen. Dorina en ik hebben nu een vorm ontdekt waarin we die continuïteit wel kunnen bieden. Ik zou dat veel meer kinderen gunnen."
"Er wordt vaak gesproken over structuur en duidelijkheid. Dat is heel belangrijk, maar geborgenheid en liefde zijn dat ook. Daar halen kinderen zoveel uit."
"Onze eigen kinderen zijn altijd opgegroeid met andere kinderen in huis. Ik vind het heel mooi om te zien hoe zij met de andere bewoners in het gezin omgaan. Ik ben ervan overtuigd dat hun mens-zijn hierdoor verrijkt wordt. Het praktische voordeel is dat wij iedere dag thuis zijn, ook voor onze eigen kinderen. Het wordt wel druk in huis, we hebben een strak schema om ‘s ochtends allemaal door de badkamer heen te komen."
28 februari 2008: Cees (verkoper Straatjournaal) Cees is als verkoper van het Straatjournaal regelmatig te vinden voor de Deen in Castricum. Op woensdag verkoopt hij de krant op de markt in Beverwijk. Al enige tijd overnacht Cees bij het Leger des Heils in Haarlem. Met de opbrengst van de verkoop van de krant betaalt hij zijn overnachtingen en werkt hij aan zijn toekomst. Uitspraken van Cees tijdens het interview:
"In het begin moet je wel een gevoel van schaamte overwinnen. Je profileert je als verkoper van het Straatjournaal als dakloos, als een mislukkeling, een onderkantje van de maatschappij. Daar moet je echt wel overheen stappen. Maar de verkoop van de krant heeft mijn sociale vaardigheden weer naar boven gebracht en structuur gegeven in mijn leven."
"Bij een brand heb ik een tijd in coma gelegen en een deel van mijn hersens, het deel dat emoties verwerkt, is buiten werking getreden. In de periode daarna zijn er heel veel dingen in mijn privé-leven gebeurd. Ik dacht dat ik dat allemaal kon verwerken, maar dat bleek dus niet zo te zijn. Pas toen ik op straat kwam te staan, drong pas echt tot mij door dat ik een probleem had."
"Ik heb mijzelf verdiept in dakloosheid en probeer mijn kennis over dit onderwerp over te brengen. Wist jij dat er in Nederland 48.000 mensen dakloos zijn? Dat zijn net zoveel mensen als er in de Amsterdam Arena passen. Dat is een aantal dat je niet even kan wegmoffelen onder de tafel."
14 februari 2008: Rob de Wit (genezen) Twee maal kreeg Rob de Wit (66 jaar) de ziekte kanker en twee maal is hij hiervan genezen, tot verbazing van de betrokken artsen. Ook Rob beschouwt het als een wonder dat hij tot twee keer toe weer beter is geworden. Twee jaar na zijn laatste genezing fietste hij naar Santiago de Compostela. Uitspraken van Rob tijdens dit gesprek:
"De ziekte heeft mijn leven op zijn kop gezet. Door mensen die op mijn pad kwamen ging ik heel anders tegen de hele situatie aankijken. Ik kreeg in de gaten dat de ziekte niet zomaar bij mij gekomen was, maar mij kwam vertellen hoe ik mijn leven geleefd had. Dat dat ook anders had gekund."
"Ik heb ontzettend veel waardering voor mijn lichaam gekregen. Op mijn pelgrimstocht is naar voren gekomen dat de liefde voor jezelf, het houden van jezelf - niet in je hoofd, maar in je hart - zo ontzettend belangrijk is. Als je echt vrede in jezelf hebt, kun je dat ook uitdragen naar je omgeving en naar de wereld toe. Ik merk dat ik positiever kan kijken naar de omstandigheden om mij heen."
"Ik ben aangesloten bij het hospice als vrijwilliger. Ik ben bij mensen in de stervensfase thuis. Door mijn ervaring kan ik met die mensen meevoelen en ik merk dat de mensen dat prettig vinden, dat er iemand is die ervaring heeft met kanker en de behandelingen daarvan. Ik vind het heel belangrijk dat mensen in de laatste fase thuis kunnen zijn. Het is mooi werk: je krijgt er zoveel waardering en andere dingen voor terug. Dood gaan is niet eng, echt niet."
31 januari 2008: Kees Melker (dorpssmit) Donderdag 31 januari was Kees Melker te gast in de 100 van Castricum. Al vele jaren staat Kees bekend als de dorpssmid van Akersloot met de bekende smederij op de Julianaweg. Als klein kind is hij met dit ambacht begonnen. Kees is geboren en getogen in Akersloot. Ondanks zijn leeftijd heeft hij nog een zesdaagse werkweek. Kees Melker tijdens het gesprek:
"Ik zat nog op de lagere school en dan was het: ’jongen, je blijft vandaag maar thuis, want je kan van mij veel meer leren dan op school’. Een betere leerschool kun je niet hebben. Ik ben nog twee jaar naar een ambachtsschool geweest, maar dat was eigenlijk niet nodig."
"De deur staat altijd open en er is geen verwarming. Echte Akersloters komen nog even aanwaaien. Die komen langs, om effe te lullen. Vroeger was het erger dan nu. Op een gegeven moment moet je wel zeggen: ‘nou moet je weer even oplazeren, want ik moet die rotzooi nog even aflassen voor vieren’. Effe lullen met elkaar moet kunnen, je moet niet altijd bezig wezen."
"Nu doe ik het meer voor de lol. En om uit huis te wezen. We hebben ook nog steeds een klein tankstation in Akersloot. Ik heb het er niet echt druk mee. Het is meer voor de gezelligheid. Ik wil doorgaan met dit werk zolang als het gezellig blijft."
17 januari 2008: Els Behage (lerares, schrijfster) Dertig jaar lang gaf Els Behage (69) les op basisschool de Klimop in Castricum. Daarnaast is Els schrijfster van kinderboeken, zoals "Ana en de wonderschelp". Ook is zij actief als schrijfster van ingezonden brieven in lokale kranten en voert zij actie tegen geluidsoverlast van vliegtuigen. Eens per maand hangt zij een dag de vlag halfstok om tegen het lawaai te protesteren. Els tijdens het interview:
"Met ontzettend veel plezier heb ik altijd les gegeven. Die dertig jaar zijn omgevlogen. Ik heb eerst lesgegeven op de witte school in Noordwijk. In het begin had ik een klas met 47 kinderen. Die school is heel symbolisch een paar dagen voor ik met pensioen ging in 2000 afgebrand. Dat heeft toen een hele diepe indruk op mij gemaakt."
"Ik werk een maand of vier aan zo’n boekje. De kleinkinderen kunnen zelf nog niet lezen. Ik lees het ze voor. Ze vinden het wel leuk, maar het dringt nog niet zo tot ze door. Ik sta ook bekend in Castricum als de steppende Oma. Op een step van 40 jaar oud haal ik mijn kleinzoon Hugo van school. Ik trek er erg veel bekijks mee."
"Ik vind het schrikbarend dat Schiphol zo mag uitbreiden in zo’n dicht bevolkt gebied. Als iedereen zijn mond houdt en niks doet, denken bepaalde mensen dat ze kunnen doorgaan waar ze mee bezig zijn. Ik heb nu een brief aan Balkenende geschreven en hem uitgenodigd op de koffie. Dit soort dingen sijpelt toch door. Ik ben ervan overtuigd dat er een kentering komt."
27 december 2007: Vigen Sarkisian (advocaat) In 1993 kwam Vigen Sarkisian, toen 16 jaar, met zijn ouders en zus als asielzoeker naar Nederland. Een jaar later kwam het uit Armenië afkomstige gezin te wonen in Bakkum en uiteindelijk in Castricum. Vigen is inmiddels opgeleid tot advocaat. Uitspraken van Vigen tijdens het interview:
"Op school was het heel lastig, omdat de hele vriendenkring in de klas al gevormd was. Het was heel moeilijk daar doorheen te breken. Men wist niet in welke situatie wij zaten, dat je niet zeker was of je de volgende dag weer naar school zou kunnen. Ik heb daardoor een hele hechte band met mijn zus gekregen. Wij bellen elkaar nog steeds elke dag."
"In het begin vonden wij het heel vreemd dat je elkaar moest bellen voordat je langs gaat in Nederland. Inmiddels vinden wij dat ook prettig. Wat we ook heel vreemd vonden was dat iedereen voor zichzelf betaalde. Dat in de bus bijvoorbeeld iedereen met zijn eigen strippenkaart betaalt. Bij ons kon je dat echt niet maken."
"Je hebt tijd nodig om te verwerken dat je ineens wel een verblijfsvergunning hebt gekregen. We verhuisden van Bakkum naar Castricum en daarna begon eigenlijk pas ons leven weer. School veranderde van een afleiding in een doel, omdat we de zekerheid hadden gekregen dat we konden blijven. Die vier, vijf jaar daarvoor hebben we eigenlijk niet geleefd."
"Ik ben nu voor Vluchtelingenwerk achter de schermen bereikbaar om juridische vragen te beantwoorden, omdat ik graag iets wil terugdoen voor alle hulp en warmte die wij hebben gekregen."
13 december 2007: Cor Helder (pontschipper) Cor Helder is één van de 155 inwoners van het eiland de Woude. Hij staat sinds 21 jaar als schipper op de pont bij de Woude, over de Markervaart. Uitspraken van Cor tijdens het interview:
"De meeste echte Wouders zijn de oudere mensen. Iedereen kent elkaar op de Woude. Er zijn wel steeds minder families met meerdere generaties op de Woude. De jongeren vliegen meestal uit, al zijn er de laatste jaren ook wel een paar teruggekomen."
"Vroeger kwamen bakkers en slagers eens in de twee weken naar de Woude toe om te venten. Er was toen ook een kruidenier op de Woude, die letterlijk alles verkocht. Maar die is rond 1985 gesloten en nu moet alles naar het eiland vervoerd worden door de inwoners zelf. Daarom is het nu ook veel drukker op de pont."
"Het is maar een kort eindje met de pont, maar het is te ver om er overheen te springen. Als je je adem lang inhoudt, redt je het net. Omdat het zo kort is, is het juist lastig om het onder de knie te krijgen. De kunst is om goed weg te varen, want dan kun je ook goed landen. Als je bent weggevaren, moet je meteen weer aanleggen."
29 november 2007: Nic Lute (Vitesse '22) Al 70 jaar lang is Nic Lute (81) lid van voetbalvereniging Vitesse ’22. Nic is geboren en getogen in Castricum en was bij Vitesse onder meer actief als speler van het 1e elftal, coach van het 1e elftal en in vele andere hoedanigheden. Nic tijdens het interview:
"Vitesse is een echt nog een R.K. vereniging. Vroeger was de kapelaan actief als geestelijk adviseur van de vereniging. Eens per jaar was er het gezamenlijk ontbijt. De tweede zondag in mei, de dag van de oprichting, gingen we om half acht met z’n allen naar de Pancratiuskerk en uit de kerk vandaan naar Borst in Bakkum, waar het gezamenlijk ontbijt was. Daar zat wel een paar honderd man."
"Je kreeg er veel bekendheid door om in het eerste te spelen. Het hoogtepunt was toen we kampioen
|